Hoe het was in Polen

Begin januari ben ik twee dagen aan het werk geweest in Dom Dziecka nr. 2. Dit is een kindertehuis in Stargard Szczecinski in Polen. Allereerst hebben mijn twee collega’s en ik ’s ochtends ieder een stukje vaktheorie aan alle verzorgsters verteld. Dit werd verlevendigd met video-beelden en een tekenopdracht. Zo ontstond een levendige uitwisseling van ervaringen, vragen en antwoorden.
De middagen werden gevuld met werken in de praktijk. Hoe dat in zijn werk ging, wil ik aan de hand van één voorbeeld graag vertellen.

Midden in de gymzaal liggen wat matten tegen elkaar aan. Er liggen duploblokken in verschillende kleuren. Aan de kant staan wat stoelen. Dan komen twee verzorgsters binnen met een meisje van 4 jaar, dat net een maand in het tehuis woont. Voordat ze opgehaald werd, hoorden wij de reden waarom ze in het tehuis woont. Het is een schrijnend verhaal van verwaarlozing. Nu maken de leidsters zich zorgen over haar aanpassing. Het meisje - laat ik haar verder Annika noemen -, is erg angstig.
Via onze tolk vraag ik of Annika en haar leidster Gosia bij me op de matten willen komen zitten.
Gosia gaat lekker languit zitten en Annika zit bij haar op schoot. Ik zit 50 cm. naast Annika.
Ik begin met de blokken een toren te bouwen, kijk dan met een ondeugende blik naar Annika en duw de toren voorzichtig met een vinger om. Annika kijkt toe hoe de toren valt. Dan kijk ik haar uitnodigend aan en vraag “Jesteras?” - nog een keer? -. Een heel licht zakken van de oogleden beschouw ik als een “ja”, dus bouw ik opnieuw een toren. Ik herhaal mijn ondeugende blik met de vraag in de ogen: “zal ik hem nog een keer omduwen?” en wacht op Annika’s minimale respons met haar oogleden.
Dit spelletje herhaal ik diverse keren. Mijn houding stem ik af op wat Annika aan kan. Ik raak haar niet aan, kom niet dichterbij en praat zachtjes. Een vertaling van mijn woorden is nauwelijks nodig. Gosia snapt feilloos wat ik bedoel en vertaalt mijn Nederlandse woorden zonodig zachtjes, met de juiste intonatie. Heel langzaam ontdooit Annika. Eerst zat ze stijf rechtop, haar armen recht omlaag naast haar lijf. Haar gezichtje was een uitdrukkingsloos masker, met doffe, oplettende oogjes.
Nu komt er langzaam af en toe een glimmertje in haar ogen als de toren omvalt. Heel voorzichtig kruipt een glimlachje rond haar mondhoeken als ze doorheeft dat het leuke spel zich zal herhalen als zij dat aangeeft.
Dan verhoog ik de moeilijkheidsgraad. Ik ga Annika’s medewerking vragen om de toren te bouwen. Ik houd telkens twee blokken omhoog en kijk haar vragend aan, terwijl ik om de beurt het linker of rechterblok omhoog houdt: “welke wil je, die of die?” Het duurt even, maar dan volgt een bijna onzichtbaar hoofdknikje naar links of rechts. Op deze manier bouwen we enkele torens. Natuurlijk laten we deze ook omvallen. Annika’s reactiesnelheid is snel toegenomen. Ze begint voorzichtig een vinger uit te steken om het goede blok aan te wijzen. De glimmertjes in haar ogen nemen toe en haar rug wordt minder stijf.
Weer verander ik het spel een klein beetje. Nu vraag ik Annika zelf een blok aan te wijzen uit de verspreid liggende blokken. Ik bouw de toren volgens haar aanwijzingen. Annika’s reactiesnelheid neemt gestaag toe. Ze kan steeds sneller kiezen en krijgt steeds meer plezier in het spel. Haar ogen blijven nu glanzen en ze gebruikt beide handen om aan te wijzen welk blok ze wil.
Zo spelen we nog een poosje verder.
Een tweede, wat ouder meisje komt bij ons zitten en wil meedoen. Nu maak ik er een gezelschapsspel van tussen de twee meisjes. Om de beurt mogen ze kiezen en de toren omduwen. Na een eerste lichte terugtrekking gaat Annika weer goed meedoen.

Dan is de tijd bijna voorbij en besluiten we iets leuks te doen met alle leidsters en de twee meisjes.
We kiezen voor het Nederlandse dansspelletje “’k Heb een brilletje al voor mijn ogen”. Opgetogen dansen we rond en klappen in onze handen voor het dansende paar. Annika straalt van plezier!
Vrolijk nemen we afscheid van elkaar.

Nu, enkele weken later, gaat het nog steeds goed met Annika. Ze geniet erg van de extra zorg die ze krijgt en bloeit op.

Naar bovenTerug

Itek Webmedia